Arnold Traen SSinds 1 januari 2021 begon Arnold Traen als pastoraal onthaalmedewerker in de Sint-Salvatorskathedraal. Voor velen in het Brugse is Arnold reeds gekend, vooral in zijn woonplaats Assebroek. Hoog tijd om eens dieper te kijken waar zijn inspiratie ligt en wat pastoraal onthaalmedewerker juist inhoudt.

Trappist van achtergrond.

Op 1 april 2021 was het exact 30 jaar geleden dat ik intrad als trappist in de abdij van Zundert. Zundert, een dorp gelegen net over de grens in Nederland. Ik was toen 33 jaar en dat was op slag het einde van mijn openbaar leven (met een knipoog).

Het was na een hele weg doorheen het leven en ik ben daarheen getrokken om dicht bij Christus te zijn. Deze grondlijn spreekt nog steeds in mijn hart. Dat onderweg zijn is heel bijbels. Kijk naar Abraham die zijn leven lang onderweg was.

Het ritme van het getijdengebed zijn draden van weefsel. Eéntonig misschien, maar juist in het uithouden in die eentonigheid, weeft er zich iets bijzonders. Juist door uit de wereld te gaan, kom je in de wereld te staan, raak je er diep mee verbonden.

Daarnaast werd ik tijdens mijn verblijf in de trappistenabdij diaken gewijd.

In 2004 begon ik aan een sabbatjaar.

Het jaar daarop, in 2005 startte ik in de Lochting vzw te Roeselare. Dit is een biologisch tuinbouwbedrijf gericht op sociale tewerkstelling. Ik heb daar mooie herinneringen aan. Vanuit de bagage die ik meekreeg als monnik stond ik tussen de mensen. En dat heeft wel impact…

Monnik zijn blijf ik ten diepste, heb ik ontdekt, dat is nooit veranderd in al die jaren. Doorheen wat je meemaakt in je leven, word je je meer bewust hoe diep het geworteld zit in je zelf.

Een collega merkte op: ‘Hoe komt het dat je altijd zo rustig blijft’. De monastieke manier van leven is een leerschool voor beginnelingen, volgens de regel van Benedictus. Het is een manier om te leren met elkaar, om te gaan met groot geduld en veel wijsheid en groeien in liefhebben. De kunst om doorheen mensen te kijken, wat ze ook gedaan hebben, hoe ze ook voor komen en er de kern van het kind van God zijn herkennen.

Als ik nog eens in de Lochting op bezoek ga, zijn mensen steeds heel blij om mij terug te zien. Het was er niet enkel begeleiden van mensen, maar ook daadwerkelijk meewerken als tuinbouwer. Dat laatste werd fysisch te zwaar.

Een nieuwe uitdaging als aalmoezenier

Na mijn ervaring bij de Lochting ging ik aan de slag als aalmoezenier in het woonzorgcentrum van het Minnewater en de Potterie. Dezelfde tijd ben ik als vrijwillig teamlid begonnen in de Pastorale Eenheid van Sint-Trudo te Assebroek. Dat laatste doe ik nog steeds tot op heden. De intentie was om daar iets te doen rond thuisbezoeken. Dat is gebeurd met een groep vrijwilligers. Met Hedwige, een collega uit het team, hebben we wat nog leefde in de parochie nieuw leven ingeblazen en bieden we daarnaast vorming en spiritualiteit aan. Met de Covid-perikelen, loopt het samenkomen met de vrijwilligers via digitale weg, maar de bezoeken liggen niet stil, de mensen blijken heel creatief om toch contact te houden.

Pastoraal onthaalmedewerker

Vanuit de Pastorale Eenheid Sint-Donatianus begon men met een nieuw concept dat nog in zijn kinderschoenen staat.

Normaal ben ik elke namiddag op weekdagen aanwezig in de kathedraal. Graag willen we een andere vorm van aanwezigheid aanbieden, één die uitnodigend kan zijn.

Een aanwezigheid die in de sfeer van het gebouw, die uit zichzelf al uitnodigend is, een zekere verdieping kan brengen. En als er dan iemand rondloopt die daar op dat moment, uitnodigend aanspreekbaar is. Dat doet iets. Het feit dat die mogelijkheid er is, doet veel.

De eerste maanden als pastoraal onthaalmedewerker waren een zoektocht. Hoe uitnodigend, actief of juist minder actief moet je zijn om mensen aan te spreken. Mensen komen zelf naar je toe door daar gewoon te zitten aan een tafel. Ik kijk naar de mensen, soms komen ze op hun stappen terug. Soms loop ik zelf wat rond. Soms gewoon goedendag zeggen. De gesprekken die er geweest zijn, waren heel goed. Mensen waren blij dat ze aangesproken werden of dat er iemand aanspreekbaar was.

Maar er is nog een andere dimensie.  Het verhaal van Simeon en Hannah, die beiden biddend aanwezig waren in de tempel. (Lucas 2,25-38).  Biddend aanwezig zijn en dan maak je mee dat Christus je tegemoet komt in de mensen die binnenkomen, die je aanspreken, die je aankijken… het is wellicht niet zozeer door veel aan te bieden of te organiseren, maar door er te ‘zijn’ dat de ontmoeting kan gebeuren.

In de toekomst willen we graag samen met een groepje vrijwilligers de werking uitbouwen. Zodat we meer en breder aanwezig kunnen zijn en dingen organiseren.

Iets wat me is bijgebleven die eerste maanden?

Ja eigenlijk wel. Een gesprek met mensen uit Afghanistan, met islamitische achtergrond, die voor de eerste keer een kerk binnenstapten. Ze waren volledig ondersteboven van de schoonheid van het gebouw en uiteindelijk ook van wat het gebouw oproept: datgene wat ons overstijgt. Alle religies proberen wat ons overstijgt uit te beelden en gestalte te geven, er een ruimte voor te bouwen, er tijd voor te nemen.

Iets om mee te geven

Het boek van Rik Torfs – ‘De kerk is fantastisch’ vind ik echt een aanrader. Hij heeft het onder andere over kerk als gebouw. Het gebouw zelf doet iets met je, het feit dat het daar gewoon staat, kerk te zijn. We worden er als mens uitgenodigd door Iemand die ons overstijgt. Christus gaat altijd naar eenzame plaatsen voor een babbel met zijn Vader. Een kerk is de dag van vandaag een eenzame plaats. En in die eenzaamheid is er godsontmoeting, tijd voor een babbel.

Wij danken Arnold voor het mooie gesprek en wensen hem heel veel succes in het ‘op weg zijn’ in zijn functie als pastoraal onthaalmedewerker.

(interview door Hans Schilders)

Arnold Traen L